Zondag 26 april 2026 Vierde Zondag in de Paastijd
DE GOEDE LEIDER?
Aanstaande zondag, de vierde in de Paastijd, heet vanouds ‘zondag de goede herder’, naar de vaste evangelielezing uit Johannes 10.
De uitdrukking ‘de goede herder’ roept snel gevoelens op van warmte en geborgenheid en, als gevolg van plaatjes in kinderbijbels en zondagsschoolboekjes, soms zelfs van romantiek en sentimentaliteit. Dat laatste is te zoetig, maar een gevoel van veiligheid en zorg mag zeker aan het beeld van de goede herder ontleend worden. Denk ook aan Psalm 23.
Maar de woorden van Jezus worden toch een stuk minder onschuldig wanneer ze gelezen worden tegen de achtergrond waar ze ongetwijfeld naar verwijzen: de aanklachten van de profeet Ezechiël uit hoofdstuk 34 van zijn boek. Daar zijn de herder en de kudde een beeld voor de manier waarop de toenmalige religieuze en politieke leiders van Israël omgingen met het volk dat aan hun zorg was toevertrouwd. De kritiek van de profeet op hun leiderschap is op zijn zachtst gezegd niet mals, of zeg maar gewoon keihard.
Wanneer ben je een goede leider? Daarover gaat het in Ezechiël 34 en (dus) ook in de actualisering die Jezus daaraan geeft in Johannes 10. Woorden die te denken geven in de wereld van vandaag, een wereld die eerder lijdt onder de grote leiders dan er veiligheid en geborgenheid bij te vinden. Wat kunnen de woorden van Ezechiël en Jezus betekenen voor ons, die onder deze leiders (moeten) leven?
Voorganger is ds. Klaas Koffeman
organist is David Titterington
